Vrijdag getekend voor de laatste fase

foto: Omke Oudeman

Ingebruikname Garmerwolde / foto: Elmer Spaargaren, 2014

Voor weer zo’n plaatje als hierboven zult u even moeten wachten tot na de restauratie van het Garmerwolder orgel. In feite gaat het om de voltooiing van de orgelrestauratie, waarvoor afgelopen vrijdag de handtekening is gezet. We pakken nog openstaande restauratiewerkzaamheden op, baseren ons daarbij op het restauratierapport uit 1991, en vervolgens het herziene restauratieplan uit 2001 van de in 2011 overleden Jan Jongepier. En we baseren ons op het kleurhistorische onderzoek van Veltman&Veldman. Ook die kleurrestauratie zou je kunnen zien als een voltooiing; een deel ervan is al eerder uitgevoerd tijdens de restauratie van het interieur waarbij de banken en ook delen van het orgel opnieuw van houtimitatie zijn voorzien. Met ‘we’ bedoel ik trouwens orgelmaker Mense Ruiterorgelmentor Roelof Kuik en de orgelcommissie te Garmerwolde. Laatstgenoemde commissie zet zich al jaren in voor herstel en behoud van het orgel.
Maar allereerst: waar gaat het eigenlijk om? Het gaat om een Van Oeckelen-orgel dat op 21 april 1851 feestelijk in gebruik wordt genomen. Een mooi, classicistisch, ontwerp, dat er oorspronkelijk zo uit ziet

dagboek p027foto 19

Uit de kleurverkenning van Veldman&Veltman blijkt dat het orgel is voorzien van een mahoniekleurige imitatie op de volledige kas en aan de buitenzijde van de lambrisering. En dat er een donker bruinrode kleur zit op de achterzijde van het orgel, balustrade, orgelbank en traphek. De versieringen – bloemen en draperieën- zijn in bladgoud, het plafond onder de orgelgalerij waarschijnlijk groenig. Verder hebben de zuilen een bruin-bonte marmerimitatie met een zwart kapiteel orgelkas, is de voorzijde van balustrade en kroonlijst in mahonie-imitatie. Het orgel staat dus luid en duidelijk in de kerk.

beeldbank Liturgisch Instituut RUG

beeldbank Liturgisch Instituut RUG

Hoe anders wordt het een aantal decennia later tijdens de eerste grote kerkrestauratie in de oorlogsjaren ’39-‘43 als het orgel zo’n beetje wit wordt geschilderd omdat de restauratiearchitect het orgel ongelukkig vindt opgesteld voor den rijken sluitwand van het koor. ’t Is dat een orgel kerkelijk gezien onmisbaar is, maar de kleurstelling verandert dus drastisch en de gesloten balustrade wordt een opengewerkte. Dit alles met het doel het orgel zo onzichtbaar mogelijk te maken. Overigens worden wel herstelwerkzaamheden aan het orgel uitgevoerd. Het is orgelmaker Hendrik Vegter uit Usquert die onder andere een elektrische windmachine plaatst en de balgenstoel verwijdert.

Orgel in 1965 / Beeldbank Liturgisch Centrum RUG

Orgel in 1965 / Beeldbank Liturgisch Centrum RUG

Eind jaren ’50, begin ’60 van de vorige eeuw voert orgelmaker H.J. Vierdag uit Enschede een aantal herstelwerkzaamheden uit. Zo worden bijvoorbeeld het beleg van de ondertoetsen, het pedaalwalsbord en de belering van de speelventielen vernieuwd. Tijdens deze werkzaamheden verdwijnen de beide hoofdwerktongwerken spoorloos maar niet getreurd; er komen later weer nieuwe.
Vanaf 1973 worden voorbereidingen voor een restauratie van het orgel getroffen. Orgeladviseur Klaas Bolt († 1990) stelt al in 1974 een eerste rapport op, de offerte van orgelmaker Mense Ruiter ligt er ook al maar het leidt helaas niet tot de broodnodige uitvoering: gebrek aan financiële middelen.

Orgel in de jaren '90 / foto: R.J. Valstar

Orgel in de jaren ’90 / foto: R.J. Valstar

Door naar 1991 als Jan Jongepier, de opvolger van Klaas Bolt, opnieuw een rapport opstelt waarop -wederom- Mense Ruiter een offerte uitbrengt. Daarbij wordt een gefaseerde restauratie voorgesteld, en in 1996 voert de orgelmaker inderdaad een eerste gedeelte van de restauratie uit waarbij de windladen en het houten pijpwerk worden gerestaureerd. Twee jaar later wordt vervolgens de Vox Humana 8′ gerestaureerd en komen de hoofdwerktongwerken terug. Voor de Fagot 16′ wordt daarbij gebruik gemaakt van de Fagot 16′ afkomstig uit de Grote kerk te Deventer, aangevuld met nieuwe houten stevels voor het groot-octaaf en nieuwe schalbekers naar het voorbeeld van het Van Oeckelen-orgel in Smilde. De Trompet 8′ is afkomstig van het Schnitgerorgel te Uithuizen. Voor de orgelleken onder ons (en daar reken ik mezelf ook toe) komen wellicht wat onbekende termen voorbij, dat heb je nu eenmaal met orgels, daarom voor de oprechte leek, dit aardige orgel-abc. 

GARMERWOLDE / 28-9-2007 / foto: Omke Oudeman

GARMERWOLDE / 28-9-2007 / foto: Omke Oudeman

En dan nu de laatste fase, de voltooiing van deze uitvoerige restauratie. Het gaat om een conserverende restauratie, met het om (klank)technische redenen noodzakelijke herstel naar de situatie-1851 van windvoorziening, stemtoonhoogte en pedaalmechaniek. En waar we ook oprecht blij mee zijn is dat het oorspronkelijke, klassieke, ontwerp van het orgel weer in ere hersteld wordt. De kleurstelling die u hierboven heeft kunnen lezen komt terug, de bijpassende, oorspronkelijk dichte, balustrade komt ook terug. We zijn van mening dat deze originele, donkere, kleur het orgel meer solitair in de ruimte doet staan en dat dit meer rust zal geven. Zeker ook gezien de combinatie met het overige meubilair: het vormt dan weer een ensemble. Ik denk ook eerlijk gezegd dat architect Wittop Koning in de vorige eeuw een ander beeld voor ogen had dan het resultaat van zijn ingrijpende wijziging aan het orgel. Hoe dan ook, restauratie-opvattingen veranderen en het terugbrengen van oorspronkelijke kleuren en elementen passen in die van ons.

GARMERWOLDE / 28-9-2007 / Orgel en klaviatuur (klavier - toetsen) van kerk in bezit van Stichting Oude Groninger kerken / foto: Omke Oudeman

foto: Omke Oudeman

 DUNCAN WIJTING FOTOGRAFIE DWF

DUNCAN WIJTING FOTOGRAFIE DWF

Met de uitvoering van de resterende restauratiewerkzaamheden en het kleurherstel van de orgelkas kunnen we recht doen aan wat Jan Jongepier en Klaas Bolt voor ogen hadden. Beiden hebben het grote belang van het behoud van dit orgel benadrukt: het is een van de belangrijkste en fraaiste orgels uit de 19e eeuw in het Noorden van ons land. Jan Jongepier verwoordt dit in zijn rapport van 1991 als volgt: Het is zeer te hopen dat voor het herstel van dit zeer waardevolle orgel middelen beschikbaar worden gesteld. Het orgel kan worden gezien als een zeer sprekend voorbeeld van de midden 19e eeuwse Groningse orgelbouw. Aan het instrument kunnen grote muzikale kwaliteiten worden toegeschreven die zelfs nu, in zulke kommervolle omstandigheden nog steeds hoorbaar zijn. Na restauratie kan verwacht worden dat de klank van het orgel een klinkende afspiegeling is van het thans zo feestelijk uiterlijk van het instrument.

Amen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s